Uitrit of inrit aanleggen

Het aanleggen van een uitweg valt onder het regiem van de Omgevingsvergunning en is verder uitgewerkt in de Algemene Plaatselijke verordening (APV).

  • Dit betekent dat een Melding dient worden gedaan.
  • Een aanvraag kunt u indienen in het Omgevingsloket online.

Online omgevingsvergunning aanvragen

Kijk voor hulp bij het indienen van een aanvraag omgevingsvergunning op www.olo.nl.

Een aanvraag voor aanleg van een uitweg kan op verschillende gronden worden geweigerd:

  • verkeersveiligheid.
  • bruikbaarheid van de weg.
  • aanzien.
  • bescherming van openbaar groen.

Hoe werkt het?

De gemeente Veendam heeft een nota vastgesteld met daarin de regels en voorwaarden om voor een uitweg in aanmerking te komen. Bij particulieren wordt de uitweg door de gemeente aangelegd.

Particulieren

  • Er wordt maximaal 1 uitweg per perceel toegestaan. Dit om zoveel mogelijk de verkeersveiligheid en het uiterlijk aanzien van de omgeving te waarborgen.
  • De uitweg heeft een standaardbreedte van 3,00 m1 en wordt door de gemeente op kosten van de vergunninghouder/-ster aangelegd en onderhouden.Ter dekking van de kosten wordt bij de vergunningverlening een eenmalig bedrag (jaarlijks geïndexeerd) in rekening gebracht, dat afhankelijk is van de constructie (zie bijlage prijsbepaling).
  • De aanleg van de uitweg mag maximaal ten koste gaan van 1 parkeerplaats.
  • De uitweg mag verkeerstechnisch geen problemen opleveren (zie 2.12 APV).
  • De te gebruiken materialen, ook in het geval dat die geheel of gedeeltelijk voor rekening van de vergunninghouder/-ster zijn gebruikt, blijven in eigendom van de gemeente. Een uitwegconstructie grenst aan de weg en daarom zal de gemeente als verantwoordelijke wegbeheerder de weg met uitweg onderhouden.
  • Van de uitweg mag uitsluitend gebruik worden gemaakt door voertuigen met een maximumgewicht (incl. lading) van 1.900 kg.
  • Op de uitweg mag niet geparkeerd worden (praktisch is dit ook haast niet mogelijk; het zal immers leiden tot het parkeren op de openbare weg).
  • Indien t.b.v. de aanleg van de uitweg bomen op eigen terrein gekapt moeten worden, dient hiervoor op de daarvoor bestemde wijze een Omgevingsvergunning kap te worden aangevraagd. Pas wanneer de verleende Omgevingsvergunning kap onherroepelijk is geworden, zal de uitweg worden aangelegd.
  • Ook de gemeente moet voor haar bomen een Omgevingsvergunning kap aanvragen. De kosten van het eventueel kappen, ver- en herplanten van bomen, staande op gemeente-eigendom en het eventueel verplaatsen van lichtmast(-en), CAI-regelkast, etc. zijn voor rekening van de aanvrager/-ster.

Bedrijven

  • Bedrijven mogen onder voorwaarden zelf de uitweg aanleggen.
  • Er worden maximaal 2 uitwegen per perceel toegestaan. Bij bedrijven wordt veelal gebruik gemaakt van grotere voertuigen die met behulp van 1 inrit en 1 uitweg een beter ontsluiting hebben op het betreffend perceel he tgeen de verkeersveiligheid ten goede komt.
  • De breedte van de uitweg mag maximaal 8,00 m1 bedragen.
  • De uitwegbochten hebben een maximale straal van: R = 2,00 m1.
  • De verharding dient te bestaan uit betonklinkerkeien, dik minimaal 7 cm., kleur heidepaars, grijs of bruin. Langs de openbare weg moet een betonnen opsluitband van 100 x 200 mm. worden aangebracht. Bij toepassing van asfalt, dient onder het asfalt voldoende mantelbuizen te worden aangelegd.
  • In de aangebrachte verharding dienen voldoende kolken te worden geplaatst, zodat de afwatering gewaarborgd blijft.
  • Aan de bedrijven zal de werkelijke aanlegkosten in rekening worden gebracht, indien de gemeente de uitweg aanlegt.
  • De uitweg mag verkeerstechnisch geen problemen opleveren (zie art. 2.12 APV).
  • De te gebruiken materialen, ook in het geval dat die geheel of gedeeltelijk voor rekening van de vergunninghouder/-ster zijn gebruikt, blijven in eigendom van de gemeente. Het onderhoud van de uitweg blijft bij de vergunninghouder/-ster.
  • Op de uitweg mag niet geparkeerd worden (praktisch is dit ook haast niet mogelijk; het zal immers leiden tot het parkeren op de openbare weg).
  • Indien t.b.v. de aanleg van de uitweg bomen op eigen terrein gekapt moeten worden, dient hiervoor op de daarvoor bestemde wijze een Omgevingsvergunning kap te worden aangevraagd. Pas wanneer de verleende Omgevingsvergunning kap onherroepelijk is geworden, zal de uitweg worden aangelegd.
  • Ook de gemeente moet voor haar bomen een Omgevingsvergunning kap aanvragen. De kosten van het eventueel kappen, ver- en herplanten van bomen, staande op gemeente-eigendom en het eventueel verplaatsen van lichtmast(-en), CAI-regelkast, etc. zijn voor rekening van de aanvrager/-ster.
  • Voor graafwerkzaamheden in de berm dient een graafmelding (KLIC-melding) te worden gedaan bij het Kadaster. Dit kan via www.klicmelding.nl.

Uitgelicht