Exploitatievergunning horecabedrijf

Om een horecabedrijf te mogen exploiteren heeft u een vergunning van de burgemeester nodig. Een horecabedrijf is een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was logies worden verstrekt of dranken of spijzen voor directe consumptie worden bereid of verstrekt. Daarnaast wordt onder een horecabedrijf mede verstaan; een bij dit bedrijf behorend terras en andere aanhorigheden.

Onder een horecabedrijf vallen; een hotel, restaurant, pension, café, cafetaria, snackbar, discotheek, buurthuis of clubhuis.

Toets BIBOB

De wet Bevordering Integriteitsbeoordelingen Openbaar Bestuur (BIBOB) geeft de gemeente de mogelijkheid om zich te beschermen tegen het risico dat zij ongewild criminele activiteiten faciliteert. In artikel 3 van de wet BIBOB worden de weigeringsgronden aangegeven om een vergunning te weigeren of in te trekken. Er moet dan sprake zijn van een ernstig gevaar dat de gevraagde vergunning mede zal worden gebruikt voor:

  • het benutten van voordelen uit strafbare feiten (het witwassen van zwart geld).
  • plegen van strafbare feiten (als dekmantel).
  • daarnaast kan de beschikking geweigerd of ingetrokken worden indien er een redelijk vermoeden bestaat dat er een strafbaar feit is gepleegd om de vergunning te verkrijgen (valsheid in geschrifte of omkoping).

Aan het bureau BIBOB, dat door de ministerie van Justitie is ingesteld, kan advies gevraagd worden om in een concreet geval te beoordelen of er sprake is van voornoemd gevaar. Het advies kan leiden tot een betere informatiepositie van de gemeente. Bureau BIBOB heeft namelijk inzage in een aantal gesloten bronnen (o.a. van de belastingdienst) die voor de gemeente niet toegankelijk zijn.

Waar het gaat om uitvoering van rijksregelgeving vallen vergunningen in het kader van de milieuwetgeving, de Drank- en Horecawet, de Wet op de kansspelen en de Woningwet (bouwvergunning) onder genoemde wet. In het Besluit BIBOB (artikel 5) worden lokale vergunningen zoals de (exploitatie)vergunningen voor horecabedrijven en coffeeshops, de vergunning voor de exploitatie van een seksinrichting en/of escortbedrijf, of een speelautomatenhal onder de werking van de wet gebracht.

Een ondernemer mag zijn inrichting pas voor bezoekers openstellen op het moment dat alle vergunningen daadwerkelijk zijn verleend. In bepaalde gevallen wordt toestemming gegeven om in de periode die ligt tussen de aanvraag en de officiële vergunningen voor eigen rekening en risico te starten met de exploitatie van het horecabedrijf.

Hoe werkt het?

De exploitatievergunning is in beginsel voor onbepaalde tijd geldig, maar is persoons- en inrichtingsgebonden. Dit betekent dat het in de volgende situaties noodzakelijk is om een (nieuwe) exploitatievergunning aan te vragen:

  • bij overname of nieuwvestiging van een horecabedrijf.
  • bij wijziging in de exploitatie van het horecabedrijf (hiervan is bijvoorbeeld sprake van als u in een bestaand alcoholvrij horecabedrijf alcoholhoudende dranken wilt gaan verstrekken).
  • bij wijziging van de ondernemersvorm.
  • bij vertrek of in dienst treden van de beheerder(s).
  • bij (bouwtechnische) wijziging of uitbreiding van de inrichting.

Welke formulieren/documenten heb ik nodig?

  • aanvraagformulier Drank en Horeca -exploitatievergunning.
  • aanvraagformulier Verklaring Omtrent Gedrag.
  • een koop-, pacht-, of huurcontract, dan wel eigendombewijs van het pand.
  • een vennootschapsakte of statuten van de besloten vennootschap (indien van toepassing).
  • een exemplaar van de arbeidsovereenkomst van alle leidinggevenden (indien leidinggevende geen ondernemer is).
  • een uittreksel uit de Basisregistratie personen (BRP) van alle leidinggevenden.
  • een kopie van een legitimatiebewijs van alle leidinggevenden.

Extra gegevens drank- en horecavergunning

  • het diploma Sociale Hygiëne (origineel en fotokopie) van alle leidinggevenden.
  • volledig ingevulde en ondertekende verklaring(en) van alle leidinggevende(n).
  • bestuursreglement (alleen bijvoegen als er sprake is van een rechtspersoon in de zin van artikel 4 van de Drank- en Horecawet rechtspersoon niet zijnde een naamloze vennootschap of besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, die zich richt op activiteiten van recreatieve, sportieve, sociaal-culturele, educatieve, levensbeschouwelijke of godsdienstige aard).

Uitgelicht